JUlien Coeck, bestuurslid NAP stapt naar Scherpenheuvel

Artikel HLN van vrijdag 2 juni

JULIEN COECK STAPT MORGEN 60 KM NAAR SCHERPENHEUVEL

76 jaar en al voor 69ste keer op bedevaart

Julien Coeck is met zijn 76 jaar mogelijk niet de oudste pelgrim van het land, maar hij is sowieso wel de strafste. Hij vertrekt morgen met de Nielse pelgrims al voor de 69ste keer op jaarlijkse voetbedevaart naar Scherpenheuvel. Aan stoppen denkt hij nog niet. "Zolang ik de anderen niet tot last ben, ga ik mee."

BEN CONAERTS

 

Jaren 50: Julien (l.) heeft z'n rugzak al gepakt.

De weg van Niel naar Scherpenheuvel, zo'n zestig kilometer lang, heeft maar weinig geheimen meer voor Julien Coeck. Van het zeventigtal pelgrims dat morgen de voetbedevaart aanvat, is hij met voorsprong de meest ervarene. De Aartselarenaar begint straks aan zijn 69ste editie, ongezien in de geschiedenis van de Broederschap van Niel. Hij was er al bij in 1947.

2012:Jaren 70: Julien is seingever van dienst.

'Manneke' van 6

"Ik moest nog zeven worden toen ik voor de eerste keer meestapte. De voetbedevaart was een traditie in onze familie. Mijn overgrootmoeder was ermee gestart en de microbe werd van generatie op generatie doorgegeven. Dus moest ik als zesjarig 'manneke' ook mee."

Die eerste keer staat Julien nog levendig voor de geest. "Ik weet nog dat ik niet de hele afstand te voet heb afgelegd. Mijn vader heeft me op zijn schouders gezet en me een eindje gedragen. Toen dat niet meer ging, ben ik in het busje gestapt. Daar moesten we de hele tijd bidden, tot het einde van de rit. Ik mocht zelfs niet naar buiten kijken. In Scherpenheuvel gingen we dan meikevers vangen. Op de rozenkransweg lag het daar vol mee. Ik verzamelde ze in een doos om ze mee naar huis te nemen. Dat was voor mij het hoogtepunt van die bedevaart (lacht)."

De bedevaart werd al snel ieder jaar een vaste afspraak voor Julien. "Er is toen, die eerste keer, iets blijven hangen bij mij. Als je meegaat op een bedevaart, zelfs als ongelovige, blijft er altijd iets hangen. Er zijn maar weinig mensen die het houden bij slechts één bedevaart. In al die jaren heb ik maar twee edities moeten overslaan. Zes jaar geleden is er opeens iets in mijn rug geschoten en drie jaar geleden - uitgerekend met de 200ste editie van de bedevaart - had ik een probleem met mijn longen. Daar heb ik veel spijt van gehad." Intussen hebben ook Juliens kinderen en kleinkinderen de passie voor de bedevaart overgeërfd. Zijn zonen Wim en Bart, zijn dochter Hilde, zijn kleinzoon Wanne en zijn kleindochter Ibe: allemaal stappen ze mee.

                                                              2012: Fier als een gieter met de staf in z'n handen.

Familie-uitstap

"Het is echt een familie-uitstap geworden voor ons", glimlacht Julien. "Voor mij is er zeker nog een religieuze waarde. Ik ga niet elke zondag naar de kerk, maar als het nodig is, vraag ik hulp aan de Onze-Lieve-Vrouw. Dat we gezond mogen blijven, dat de kleinkinderen goede examens mogen afleggen, dat onze vrienden die het minder goed hebben, wat meer geluk mogen hebben: voor zulke dingen doe ik het."

"De omstandigheden zijn in de loop der jaren fel verbeterd", vervolgt Julien. "In de eerste jaren dat ik meestapte, konden we bijvoorbeeld nog niet rekenen op de steun van het Rode Kruis. Dus hadden alle pelgrims zelf een stopnaald mee om hun blaren open te prikken. Er waren toen misschien maar twintig pelgrims die het hele eind te voet konden afleggen. Dat is nu wel anders, al denk ik niet dat ik het deze keer zelf zal halen. Het tempo ligt soms wat te hoog voor mij en ik ga me niet forceren. Maar zolang ik kan meegaan op bedevaart zonder de andere pelgrims last te bezorgen, blijf ik dat doen."

De Nielse pelgrims vertrekken vrijdagavond om 18.15 uur aan de O.L.V.-Geboortekerk van Niel. Zondag om 19.15 uur worden ze daar weer terug verwacht.